Kunnen vrouwen ook "gewoon" politici zijn?

Kunnen vrouwen ook "gewoon" politici zijn?

Van vrouwelijke politici wordt veel verwacht. Ze moeten seksisme in de samenleving oplossen en de wetten vrouw- en mensvriendelijker maken. Of ze worden als rookgordijn gebruikt in landen waar eigenlijk een dictatuur heerst. Mogen vrouwen ook gewoon politicus zijn?

Dit artikel verscheen eerder in OneWorld Magazine

“Er is een speciale plek in de hel voor vrouwen die elkaar niet helpen”, zei de eerste vrouwelijke minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten, Madeleine Albright, eens. Een gevleugelde uitspraak die ik geregeld en gretig aanhaal. In een wereld waarin vrouwen door de andere helft van de samenleving, al dan niet bewust, als minderwaardig worden behandeld, is het belangrijk dat we elkaar op z’n minst niet tegenwerken. En als het even kan zelfs vooruit helpen.

Met stijgende verbazing kijk ik dan ook naar wat zich afspeelt in de Verenigde Staten. Alabama was de eerste in een reeks van staten waar het recht op abortus van vrouwen werd afgenomen, met wereldwijde ophef als gevolg.

De foto’s van de 25 senatoren die allen voor de wet stemden – ja, het waren allemaal mannen – gingen via sociale media de hele wereld over. De tendens: dit is wat er gebeurt wanneer je mannen laat beslissen over vrouwenlichamen. Mannen weten niet hoe het is om zwanger te zijn of hoe het voelt om de beslissing te moeten nemen over het wel of niet afbreken van een zwangerschap. Toch wanen zij zich zo alwetend en superieur dat ze er kennelijk geen moeite mee hebben vrouwen hun beslissings-bevoegdheid af te pakken. Een bijzonder onbenullige bijdrage kwam van senator Clyde Chambliss, die zei dat vrouwen nog steeds een optie hebben om hun zwangerschap af te breken – zolang ze dat maar doen voordat ze weten dat ze zwanger zijn.

Stem op een vrouw

Bevestigend knikten feministen aller landen elkaar toe: zie je wel, dit is waarom we meer vrouwen in de politiek nodig hebben! In de senaat van Alabama zitten maar vier vrouwen, tegenover 29 mannen. Maar let op: het was uiteindelijk een vrouw die de wet in Alabama bekrachtigde. Gouverneur Kay Ivey weigerde zelfs een amendement met een uitzonderingsclausule voor slachtoffers van verkrachting en incest op te nemen; een argument voor abortus waar doorgaans de meest conservatieve mannen nog voor zwichten. Waarmee ik maar wil zeggen: gelijke politieke vertegenwoordiging is nog geen garantie voor een politiek die gelijkwaardigheid en andere progressieve waarden nastreeft.

De roep om evenredige representatie in de politiek klinkt steeds luider. De hoop is dat de onderwerpen die aan bod komen in een representatief parlement een groter deel van de samenleving vertegenwoordigen. Of het nu gaat om de toegankelijkheid van straaturinoirs, de prijs en veiligheid van sanitaire producten, het gebrek aan vrouwelijke straatnamen, ouderschapsverlof of gelijke beloning bij gelijk werk. De hoop is ook dat een vrouwelijke premier een voorbeeld zou kunnen zijn voor jonge vrouwen en meisjes. Het signaal: je kunt alles worden wat je wilt. Het signaal in Nederland is tot nu toe: je kunt als vrouw niet alles worden wat je wilt.

Dankzij initiatieven als Stem op een vrouw, dat de kiezer informeert over hoe je door tactisch stemmen meer vrouwen in de politiek kunt krijgen, is het aandeel vrouwen bij de laatste Provinciale Statenverkiezingen toegenomen. Van 31,5 procent naar 33,2 procent. Echt snel gaat het nog niet, maar elke stap vooruit is in elk geval geen stap achteruit.

Kritiek op het uit principe stemmen op vrouwen is er ook. Moeten we niet de beste mensen verkiezen in plaats van uitgaan van het geslacht? Maar als we die redenering doorvoeren, wat zegt het feit dat de meerderheid in zowel de Eerste als de Tweede Kamer sinds de oprichting ervan man is geweest, over de competentie van vrouwen? Zijn er onder het vrouwelijke deel van de samenleving minder capabele kandidaten? “Mijn streven is de beste mensen te vinden. De verdeling man/ vrouw is secundair”, zei premier Rutte bij de formatie van Rutte-III. Om vlak daarna de inmiddels afgetreden en alom bekritiseerde Halbe Zijlstra als minister van Buitenlandse Zaken aan te stellen, in plaats van de capabele en meer ervaren Sigrid Kaag.

Seksisme

Een beter te staven kritiekpunt op de brede roep om meer vrouwen in de politiek – welke vrouw dan ook – is het feit dat ondanks de toename van vrouwelijke politici in Nederland, het seksisme in de samenleving nog breed leeft en diepgeworteld is. Dan kun je nog zoveel vrouwelijke politici hebben in de Provinciale Staten, Tweede en Eerste Kamer of Waterschappen, maar de dagelijkse gang van zaken vormt nog steeds een belemmering voor het vrouw-zijn. Wat heb je nu concreet aan evenredige representatie wanneer vrouwen zich bijvoorbeeld nog steeds niet veilig voelen ’s nachts op straat?

De Social Institutions & Gender Index van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) becijferde dat dat laatste geldt voor maar liefst 80,6 procent van de vrouwen in Nederland. Zoals het ernaar uitziet, laat echte verandering voorlopig nog even op zich wachten. Conservatieve ideeën over de rol van de vrouw zijn aan een opmars bezig, ook onder millennials. In 2016 bleek uit onderzoek van het Amerikaanse PEW Research Center dat maar liefst 52 procent van de millennialmannen met kinderen vindt dat vrouwen ‘voor het huis en de kinderen moeten zorgen’. Van de mannen boven de 45 jaar is maar 21 procent die mening toegedaan.

Stem op een vrouw houdt zich verre van partijpolitiek. Het is de organisatie nadrukkelijk alleen om evenredige representatie te doen. ‘De vrouw’ bestaat immers niet. We zijn net zulke complexe wezens als mannen; met uiteenlopende interesses, voorkeuren en politieke idealen. Het zou niet fair zijn om van alle vrouwelijke politici te eisen om het politieke systeem overhoop te gooien en vrouw- en mensvriendelijker te maken. Mogen vrouwen ook nog gewoon politicus zijn? Zonder dat we de standaarden waar we hen aan houden hoger maken dan de standaarden waar mannen aan moeten voldoen?

Het antwoord zou ‘ja’ moeten zijn, en toch doemt die zin van Albright weer op. ‘Er is een speciale plek in de hel voor vrouwen die elkaar niet helpen.’ Het is nu eenmaal zo dat vrouwen in zo’n beetje alle samenlevingen wereldwijd het onderspit delven. Daar hebben mannen wereldwijd – onbewust of bewust, passief of actief – van geprofiteerd. De mannen in de politiek hebben bovendien nagelaten hier verandering in te brengen. Dus nee: hoe cru het ook is, vrouwen kunnen niet gewoon politicus zijn.

Tokenism

Door van vrouwen meer te eisen, voorkomen we bovendien dat vrouwen als een soort cover-up worden gebruikt voor een in de kern patriarchaal systeem. Wereldwijd krijgen vrouwen zoethoudertjes voorgehouden in de vorm van wetgeving of representatie met als doel hen en buitenlandse critici stil te houden. In Saudi-Arabië mogen vrouwen tegenwoordig bijvoorbeeld autorijden en hardlopen op straat, dankzij kroonprins Mohammed bin Salman. De beste man hield zelfs een perstour door de Verenigde Staten, waarbij hij zichzelf in interviews min of meer een voorvechter van vrouwenrechten noemde. Tegelijkertijd werden Saudische activisten, die jarenlang met gevaar voor eigen leven hebben gestreden voor het basale recht om als vrouw achter het stuur te mogen plaatsnemen, opgepakt en vastgezet. Van een aantal van hen, waaronder Loujain al-Hathloul, weten we dat ze zijn gemarteld en seksueel zijn misbruikt. Al-Hathloul zit inmiddels al meer dan een jaar vast.

Ook geldt in Saudi-Arabië nog de regel van infantilisering van vrouwen. Zonder een mannelijke voogd mogen vrouwen niet reizen – ze kunnen geen paspoort aanvragen. Vrouwen mogen niet zelf beslissen met wie ze trouwen en kunnen zonder mannelijke voogd geen aangifte doen, bijvoorbeeld van huiselijk geweld. Met de ene hand krijgen vrouwen voor de bühne een kruimel rechten om hen met de andere hand te kunnen onderdrukken.

Of neem Rwanda. Het land wordt geroemd vanwege het aandeel dat vrouwen in het parlement hebben. Maar liefst 68 procent van de parlementariërs is vrouw! Een ongekend hoog percentage dat we in Nederland niet snel zullen bereiken. Het zal je dan ook niet verbazen dat Rwanda op de zesde plaats prijkt in de Global Gender Gap Report van het World Economic Forum. In dat rapport wordt de positie van de vrouw in een bepaald land vergeleken met de positie van de man in datzelfde land, aan de hand van een aantal thema’s, waaronder politiek. Ter vergelijking: Nederland staat op de 27ste plaats.

Dankzij strenge quota is het aantal vrouwelijke parlementariërs in Rwanda omhooggeschoten: vrouwen vormen niet alleen de helft van het kabinet, maar ook de helft van het aantal rechters van het Hooggerechtshof. Toch hebben vrouwelijke parlementariërs er volgens journalisten en mensenrechtenactivisten weinig tot niets te zeggen. Ook duldt president Kagame’s regering geen tegenspraak of oppositie. Diane Rwigara, de vrouw die president Kagame bij de presidentsverkiezingen uitdaagde, werd uiteindelijk uitgesloten van deelname van de verkiezingen.

Volgens de regering-Kagame zou Rwigara handtekeningen voor haar kandidatuur hebben vervalst. Uiteindelijk werd de vrouw, die geregeld forse kritiek op Kagame uitte, zelfs gearresteerd en vastgezet. De vrouwelijke politici hebben dus nagenoeg geen invloed en worden louter als ‘token’ ingezet. Als bewijsnummer dat het land vooruitstrevend is, ondanks autocraat Kagame. En grotendeels werkt het: wereldwijd wordt Rwanda geroemd vanwege het aandeel vrouwen in de politiek.

Voorbeeldfunctie

Gaat het dan helemaal nergens goed? Nou, Ethiopië heeft met Sahle-Work Zewde de eerste vrouwelijke president. Dat is weliswaar een meer ceremoniële functie. Een cynisch mens zou dus kunnen stellen dat die functie daardoor eveneens een vorm van tokenism is. Maar in een land waar zelfs het publiekelijk spreken over gelijkwaardigheid tussen man en vrouw niet gewaardeerd wordt, kan een vrouwelijke president enorme impact hebben in het aanzwengelen van het gesprek en vooruitgang.

In het Amerikaanse congres doen vrouwen als Alexandria Ocasio-Cortez er alles aan om een progressieve agenda erdoor te drukken die verder gaat dan alleen vrouwenrechten. Zij houdt rekening met alle verschillende kruispunten waar mensen en gemarginaliseerde groepen in het bijzonder zich bevinden. Of het nu gaat om klasse, sekse, gender, geaardheid, religie of etniciteit. Zo bepleit Ocasio-Cortez een ‘Green New Deal’, een plan om Amerika binnen tien jaar klimaatneutraal te krijgen. Maar ze pleit voor nog veel meer beleidsveranderingen waar al die gemarginaliseerde groepen van zouden kunnen profiteren, bijvoorbeeld een minimumloon van 15 dollar en gratis door de overheid verstrekte gezondheidszorg.

Met alleen meer vrouwen in de politiek zijn we er dus nog lang niet. Voor echte, oprechte, gelijkwaardigheid moeten mensen als Ocasio-Cortez de mogelijkheid krijgen om alle scheve machtsverhoudingen in de samenleving aan te pakken. Dan volgt een betere positie als vanzelf.

Dit artikel verscheen eerst in OneWorld-magazine.

De Vrouw, De Broedkip

De Vrouw, De Broedkip

Je kunt het meisje wel uit Zuid halen, maar Zuid niet uit het meisje

Je kunt het meisje wel uit Zuid halen, maar Zuid niet uit het meisje