‘We hebben echt minder kleding nodig dan we kopen’

‘We hebben echt minder kleding nodig dan we kopen’

Ashna Chhatta wil dat de kledingindustrie eerlijker wordt en dat consumenten het echte verhaal achter kleding kennen. In Op de Zeepkist vertelt ze waarom.

Naam: Ashna Chhatta (1984)
Beroep: Personal shopper en ethical fashion-stylist
Probleemstelling: Grote kledingketens produceren nog steeds te veel kleding op een oneerlijke manier, buiten het zicht van de consument
Oplossing: Minder kleren kopen

‘Mode is voor mij meer dan er alleen leuk uitzien, het is ook een vorm van antropologie; hoe je je kleedt, vertelt iets over je leven, je (sub-)cultuur, hoe je je tot anderen verhoudt. Na mijn studie aan de modeacademie werkte ik als artdirector en modestylist en ontdekte ik de duistere kant van de fashionindustrie. In een maatschappij waar alles sneller en goedkoper moet is de mode-industrie één van de grootste boosdoeners op het gebied van exploitatie van milieu en schending van mensenrechten. Voor ieder feestje kun je tegenwoordig naar een fast-fashionketen om voor een tientje een nieuw jurkje of shirt te kopen. Ik snap dat dit aanlokkelijk is, maar als je weet welke industrie je daarmee in stand houdt, denk je wel twee keer na.

‘Wereldwijd is de kledingproductie de afgelopen zestien jaar verdubbeld, met alle desastreuze gevolgen van dien. Veel van wat er geproduceerd wordt is op een oneerlijke manier tot stand gekomen; in landen waar het minimumloon niet bestaat of zo laag is dat mensen er niet van kunnen rondkomen. Ook op ecologisch vlak kun je veel kritiek hebben op de kledingindustrie: wist je bijvoorbeeld dat voor één kilo katoen gemiddeld 8.000 liter water nodig is? Dat betekent dat voor één spijkerbroek 20.000 liter water verbruikt wordt.

‘Wat me opvalt is dat het voor de consument vaak onmogelijk is om te achterhalen hoe een kledingstuk tot stand is gekomen. Het zou goed zijn als er een wereldwijd keurmerk zou komen, of een kledingscanner waarmee je het kledinglabel kunt scannen en in één oogopslag kunt achterhalen waar het is gemaakt. Er zijn wel initiatieven volop in ontwikkeling die dit bieden, maar deze zijn minder bekend bij de consument, zoals de Cosh Eco-app, die je wegwijs maakt in de wereld van duurzaam winkelen. Ook lanceert H&M op 23 april een kledingscanner die je iets vertelt over de gebruikte materialen.

#whomademyclothes

‘Vanaf maandag start de Global Movement Fashion Revolution Week 2019. Een week waarin iedereen wordt opgeroepen om met zijn of haar favoriete kledingstuk een selfie te nemen en het betreffende kledingmerk op sociale media te vragen #whomademyclothes. Zo wordt niet alleen de consument bewuster, maar kunnen we de ketens ook bewegen om duurzamer en eerlijker te produceren én transparanter te communiceren.

‘Maar de meest duurzame oplossing is dat we als samenleving consuminderen. We hebben echt minder nodig dan we kopen. Zo kun je voor een feestje in plaats van iets nieuws te kopen ook een outfit lenen bij een leenbibliotheek als LENA Library, Bij Priester of Outfit Library Less. Ook kun je investeren in kleding die meerdere modeseizoenen meegaat. De Nederlandse modeontwerpers Monique van Heist en Elsien Gringhuis maken bijvoorbeeld al ‘modeseizoenloze’ collecties.

‘Ook kun je ervoor zorgen dat je kleding langer meegaat door je kleding minder te wassen en de wasvoorschriften beter te lezen. Is je kleding gemaakt van synthetische materialen als polyester? Dan kun je de waszak van Guppyfriend of Coraball gebruiken. Je voorkomt daarmee dat microplastic in het water terechtkomt. Je draagt jouw steentje bij tegen de plastic soep en je kleding blijft langer mooi.’

Mona Eltahawy en het debat in De Balie dat niet doorging

Mona Eltahawy en het debat in De Balie dat niet doorging

Podcast: Een vraag achteraf

Podcast: Een vraag achteraf